Sessie 10 — De Ivoren Terrassen
← Vorige: Sessie 9 · Sessieoverzicht · Volgende: Sessie 11
Hoofdlocaties: Atelier Avelisse · Het Huis met de Blauwe Luiken · Asterra Academica · De Rozenkoepel · De Zevende Wolk
Belangrijke NPC’s: Vesper Ordis · Professor Sarela Varessi · Isera Vaelune
In het kort
De groep besloot de containment-koker toch aan Vesper en Sarela te tonen en liet hem gesloten voor onderzoek achter in Atelier Avelisse. Vesper bevorderde Eun-Jae tot Sluierbreker. Daarna nam de groep Het Huis met de Blauwe Luiken in gebruik en gingen de vier avonturiers ieder op hun eigen manier de avond in. Sollorva vond zorg in De Rozenkoepel, Eun-Jae hoorde bij Asterra Academica meer over De Grote Vereniging, en Godwin en Kael verlieten De Zevende Wolk met een onbetaalde rekening. In de nacht zag Godwin eindelijk het wezen uit zijn dromen: een gevangen zwart-rode panter.
Belangrijkste gebeurtenissen
- De groep onthulde de containment-koker aan Vesper en Sarela. Sarela bewaart hem gesloten en mag hem bekijken, aanraken en niet-invasief meten, maar niet openen, kopiëren of delen zonder nieuwe toestemming.
- Sarela nodigde de groep uit om aan het einde van de volgende dag in een besloten ruimte van De Zevende Wolk haar eerste onderzoeksresultaten te bespreken.
- Vesper bevorderde Eun-Jae van Sleuteldrager tot Sluierbreker en gaf hem de vrijgegeven Raadcontacten.
- De groep nam Het Huis met de Blauwe Luiken in gebruik en bracht haar vier rijdieren onder in de stallen.
- Godwin borg zijn oude harnas op in de Bag of Holding en trok het Ravenkroonse full plate-harnas aan.
- Kael vroeg tijdens zijn meditatie of hij op het goede pad zat. Het antwoord was: “De toekomst zal niet makkelijk zijn, maar ik weet dat jij bent waar je hoort te zijn.”
- Sollorva zag haar woning, haar wolf, hert en uil en de weg naar Sylvarel. De stad leek intact en verzorgd, maar er waren geen inwoners te zien.
- Sollorva raakte na de spanning en vervreemding van Mistvoorde overweldigd. Elementaire magie en zelfgekweekte wiet verergerden haar onrust en paranoia.
- Sollorva zocht zelf hulp in De Rozenkoepel. Isera hielp haar kalmeren, gaf haar eten en bood haar een veilige slaapplaats.
- Eun-Jae bereikte Asterra Academica rond 21:00. De archieven waren gesloten, maar hij woonde een openbare geschiedenislezing bij.
- Godwin en Kael bezochten De Zevende Wolk. Toen zij niet konden betalen, vertrokken zij allebei zonder af te rekenen; Godwin nam de wijnfles mee en Kael probeerde de rekening vergeefs op naam van Eun-Jae te zetten.
- Godwin en Kael zochten Sollorva, maar namen een knikkende uil als teken dat zij veilig was.
- In zijn droom bestuurde Godwin voor het eerst bewust het opgejaagde wezen. Na een gevecht werd het gevangen onder een net. Toen zijn blik uit het lichaam werd getrokken, zag hij een grote zwart-rode panter met kleine gloeiende aderen die hem aankeek en om hulp riep.
- Sollorva keerde vroeg in de ochtend terug uit De Rozenkoepel. De groep begon de ochtend weer samen.
Belangrijkste ontdekkingen
- De Grote Vereniging was Ravenkroons naam voor het project dat aan De Scheuring voorafging. Volgens de Ravenkroonse voorstelling moest het leylijnen aan Ravenkroon verankeren om het rijk veiliger te maken.
- De archieven van Asterra Academica zijn dagelijks geopend van 07:00 tot 19:00. Professor Oren Daal is normaal tijdens die uren aanwezig.
- Godwin weet nu dat het wezen uit zijn terugkerende droom een grote zwart-rode panter is en dat zij gevangen werd.
- Sollorva kent Isera en De Rozenkoepel nu als een veilige plaats in Ilyrassa.
→ Lees Eun-Jaes volledige aantekeningen van de openbare lezing
Buit, bezit en veranderingen
- De containment-koker bevindt zich gesloten en met toestemming van de groep bij Sarela in Atelier Avelisse.
- Godwins eerdere harnas ligt in de Bag of Holding. Hij draagt nu het Ravenkroonse full plate-harnas.
- Godwin en Kael hebben bij De Zevende Wolk een openstaande rekening van 13 goud. Godwin nam bovendien een fles wijn mee zonder te betalen.
- Eun-Jae is nu Sluierbreker en bezit een lijst met vrijgegeven Raadslocaties en beheerders.
Openstaande lijnen na deze sessie
- Wat hebben Sarela en haar onderzoekers in de documenten en de gesloten containment-koker gevonden?
- Wat betekenen De Grote Vereniging en de Ravenkroonse poging om leylijnen te verankeren voor object 12B-RK en Wilgenbroek?
- Wat gebeurde er met Sylvarel, en wat betekende Sollorva’s visioen?
- Waar bevindt de panter uit Godwins droom zich, en wie heeft haar gevangen?
- Hoe gaan Godwin en Kael hun rekening bij De Zevende Wolk afhandelen wanneer de groep daar met Sarela terugkeert?
- Gaat Eun-Jae tijdens de openingstijden terug naar Asterra Academica en professor Oren Daal?
Volledige recap
Open de volledige cinematische recap
De volledige cinematische versie staat hieronder.
In Atelier Avelisse hingen de geuren van hars, steenstof, oud papier en scherpe restauratiemiddelen tussen beschadigde schilderijen, opgebroken mozaïeken en beelden die met houten steunen overeind werden gehouden. Onderzoekers waren al begonnen de Ravenburgse documenten over hun werktafels te verdelen toen de groep zich nog één keer afzonderde. Sarela Varessi, een halfelf met kort donker haar waarin zilveren strengen liepen, hield in praktische ivoorkleurige kleding toezicht op het werk; aan een ketting om haar hals hing het vergrootglas dat zij tijdens haar onderzoek gebruikte. De containment-koker lag nog altijd gesloten in de Bag of Holding. Tijdens de hele reis naar Ilyrassa hadden zij haar bestaan voor zowel Vesper Ordis als Sarela verborgen gehouden. Nu Sarelas onderzoek eindelijk kon beginnen, voelde dat besluit ineens minder eenvoudig.
Uiteindelijk haalden zij Vesper erbij. Zij luisterde naar hun twijfel en wees hen op de vreemde verhouding tussen wat zij wél en niet hadden gedeeld. In haar werk had een klein bewijsstuk vaker een groot onderzoek opengebroken, maar de koker was geen klein bewijsstuk. Dit leek juist de grote doorbraak — en uitgerekend die hadden zij bijna achtergehouden. Vesper sprak haar vertrouwen in Sarela uit en raadde de groep aan de koker eveneens voor onderzoek achter te laten.
Daarmee viel de beslissing. De containment-koker kwam tevoorschijn en werd aan Sarela getoond. Zij reikte er niet achteloos naar en probeerde de groep evenmin tot haast te dwingen. De koker zou veilig bij haar blijven, maar zij beloofde hem niet te openen zonder dat eerst met hen te bespreken. Voor de eerste resultaten nodigde zij de groep de volgende avond uit in een besloten ruimte van De Zevende Wolk.
Toen de anderen wilden vertrekken, hield Vesper Eun-Jae nog even tegen. “Je bent geen Sleuteldrager meer.” Ze liet de stilte lang genoeg staan om de woorden verkeerd te laten landen. Daarna legde ze uit dat een Sluierbreker naar plaatsen ging waar macht haar geheimen verstopte en zichtbaar maakte wat nooit gevonden mocht worden. Dat was precies wat Eun-Jae in Mistvoorde had gedaan. Met Sarelas instemming werd hij bevorderd tot Sluierbreker. Vesper overhandigde hem een briefje met de locaties en beheerders die hij voortaan zelfstandig kon benaderen.
Met een veilige verblijfplaats, een afspraak voor de volgende avond en voor het eerst sinds Mistvoorde geen onmiddellijke achtervolging achter zich, liep de groep door de oranje gloed van de Ilyrassaanse zonsondergang naar Het Huis met de Blauwe Luiken. In een rustige zijstraat vonden zij het huis tussen bloeiende klimplanten: witgepleisterde muren, een grote blauwe deur en helderblauwe luiken rond de ramen. Achter de deur lag een groene binnenplaats waaromheen de woning was gebouwd. Een jonge boom stond naast een vijver met helder water, lage planten en bloeiende struiken verzachtten de stenen muren en aan één zijde lagen de stallen.
De dieren werden naar de stal gebracht en ieder zocht op zijn eigen manier een plaats in het huis. Godwin trok zijn oude harnas uit, borg het op in de Bag of Holding en hulde zich in het Ravenkroonse harnas dat de groep had meegenomen. Eun-Jae vond zijn weg naar de keuken, ontdekte daar een verleidelijk uitziende gedroogde worst en besloot dat die kennelijk op hem had liggen wachten.
Kael ging op de grond zitten en liet zijn ademhaling langzaam tot rust komen. Hij stelde de vertrouwde aanwezigheid één vraag: “Zit ik op het goede pad?” Het antwoord kwam zonder hem een eenvoudige toekomst te beloven. “De toekomst zal niet makkelijk zijn, maar ik weet dat jij bent waar je hoort te zijn.”
Ook Sollorva zocht contact met iets vertrouwds. Ze ging in het gras van de binnenplaats liggen en richtte zich op de natuur. Het huis verdween en ze stond weer bij haar eigen woning in het Dennenhartse bos, herenigd met de wolf, het hert en de uil die haar zo lang hadden begeleid. Het visioen versprong. Samen liepen ze over het pad naar Sylvarel. Daarna stond de stad voor haar. Alles leek verzorgd. De paden waren niet overwoekerd en niets droeg de sporen van strijd of een haastige vlucht. Toch ontbraken de mensen. Sylvarel lag er perfect onderhouden en volkomen onbewoond bij.
Toen de avond verder over Ilyrassa viel, besloot de groep niet gezamenlijk thuis te blijven. Godwin en Kael wilden De Zevende Wolk alvast bezoeken. Eun-Jae vertrok richting Asterra Academica. Sollorva bleef achter op de binnenplaats.
Pas nadat de anderen waren vertrokken, kreeg de stilte vat op haar. De dagen in Mistvoorde hadden meer achtergelaten dan vermoeidheid. Nu er eindelijk ruimte was, kwam alle opgekropte spanning tegelijk naar buiten. Het water in de vijver bewoog op haar wil. Vuur vormde zich, wind begon te wervelen en een bliksemschicht spleet door de binnenplaats. Geen van de elementen gaf haar de opluchting waarop zij had gehoopt. Uit haar hand liet ze daarom een klein groen plantje groeien, dat zich ontvouwde tot een bloemend wiettopje. Ze liet het opbranden en ademde de rook in, maar iedere gedachte werd juist scherper en dreigender. De spanning sloeg om in paranoia.
Sollorva begreep dat ze hulp nodig had en haastte zich naar De Rozenkoepel, de open tempel van Sune. Een koepel van zachtroze en goudkleurige steen rustte rond een hof vol bloemen, beelden en helder water. Tussen de waterbekkens zag Isera Vaelune onmiddellijk hoe slecht het met haar ging. De oudere halfelf had een warme donkerbruine huid en zilverwitte krullen. Aan haar zijde hing een tas met water, verband en krijt. Ze bracht een kom water, bleef rustig praten en hielp Sollorva haar ademhaling vertragen. Daarna begeleidde zij haar naar een lager waterbekken, waar ze op haar rug kon liggen met haar benen in het koele water.
Isera vertelde dat Sune Sollorva’s schoonheid zag en dat er voor haar gezorgd zou worden. Toch voelde Sollorva in het water geen tegenstelling met haar eigen geloof. Onder de stem van Isera, de rustige fontein en haar eigen steeds gelijkmatiger ademhaling herkende ze ook de aanwezigheid van Mielikki. Langzaam kwam ze weer tot rust. Ze kreeg een maaltijd, een veilige plaats om te herstellen en besloot in de Rozenkoepel te blijven slapen.
Eun-Jae bereikte ondertussen Asterra Academica. Brede trappen kwamen uit op een open universiteitswijk van lichte collegezalen, tuinen en galerijen. Achter de grootste toegangsbogen draaide een stelsel van messing hemelringen boven een ondiepe waterkom; hun schaduwen gleden over sterrenbeelden in de stenen vloer. Het was ongeveer negen uur ’s avonds en de meeste gebouwen waren gesloten. Een student vertelde hem dat de archieven dagelijks van zeven uur ’s ochtends tot zeven uur ’s avonds toegankelijk waren. Op een open terras was nog wel een openbare buitenlezing bezig.
De spreekster was een kleine dwergvrouw met zwart haar en een korte stoppelbaard. Zij begon bij het Tijdperk van de Titanen, waarna de sterfelijke volkeren kwamen, zich verenigden en hun vrijheid bevochten. Uit hun afzonderlijke samenlevingen groeiden de oude rijken, waarvan Ravenkroon het machtigste werd. Dat tijdperk eindigde ongeveer zevenhonderdvijftig jaar geleden met De Scheuring. Na afloop leerde Eun-Jae dat Ravenkroon het staatsproject uit die tijd De Grote Vereniging had genoemd. Volgens de Ravenkroonse uitleg moest het de magische leylijnen aan Ravenkroon verankeren en het rijk veiliger maken. Wat werkelijk was geprobeerd, bleef onderwerp van uiteenlopende geschiedenissen.
Voordat hij vertrok, vroeg Eun-Jae naar professor Oren Daal. De dwergvrouw vertelde hem dat Oren tijdens de openingstijden vrijwel altijd op de academie aanwezig was. Met meer richting, maar zonder toegang tot de gesloten archieven, keerde hij terug naar het huis.
Godwin en Kael hadden De Zevende Wolk tegen die tijd al bereikt. Boven het ontvangstterras hing een bronzen naambord met turquoise email en zeven gestileerde wolkenbogen. Binnen glansde zacht violet licht over bleke steen, lage crèmekleurige banken en kleine fonteinen. Doorschijnende gordijnen, zachte snaarmuziek en dunne rookpatronen maakten van iedere tafel een eigen rustige wereld. De ober die hen ontving was een man met donker haar en een zorgvuldig onderhouden Frans snorretje. Godwin bestelde drie tequila en een fles wijn. Kael koos een Red Bull en een waterpijp met ananas, mango en ijsroomsmaak.
Pas toen de avond ten einde liep, keek Godwin in zijn geldbuidel. Daar lagen vijf zilverstukken. Hij stond rustig op, nam de fles wijn in zijn hand en wandelde met zoveel zelfvertrouwen naar buiten dat het bijna op een normale manier van vertrekken leek.
Enkele minuten later kwam de bediende bij Kael terug. Kael legde uit dat Godwin alleen even geld ging halen. De minuten verstreken. Kael stelde daarom voor de rekening op de tap te zetten, maar De Zevende Wolk deed dat alleen voor bekende gasten. “Zet het dan op de tap van Eun-Jae.” Ook die naam zei de bediende niets. Toen Kael eiste dat de eigenaar werd gehaald, draaide de bediende zich om en liep weg. Kael wachtte precies lang genoeg om hem uit het zicht te laten verdwijnen en sprintte toen eveneens naar buiten.
Pas buiten drong het tot Godwin en Kael door dat zij hier de volgende avond met Sarela en Vesper hadden afgesproken.
Bij terugkomst in Het Huis met de Blauwe Luiken bleek Sollorva verdwenen. Godwin dronk de meegenomen fles wijn haastig leeg en ging samen met Kael weer de straat op om haar te zoeken. Godwin was inmiddels dronken genoeg om haar naam luid over de terrassen te roepen. Kael liep op enige afstand achter hem. Toen streek een uil uit de nacht neer. Het dier landde vlak voor hen, keek hen aan en knikte kalm. Zij namen het als teken dat Sollorva veilig was en keerden terug.
Kael ging in het gras van de binnenplaats liggen om te slapen. Godwin bereikte zijn bed niet en viel met zijn Ravenkroonse harnas nog aan half op de vloer in slaap. Midden in de nacht keerde de droom terug.
Opnieuw rende het wezen door een donker bos, maar ditmaal keek Godwin niet alleen mee. Hij zag de donkere, katachtige poten die de aarde onder hem wegduwden. Wanneer hij wilde versnellen, versnelde het lichaam. Voor het eerst besefte hij dat hij het wezen bestuurde. Achter hem klonken meerdere rennende voetstappen. Minstens vijf mensen kwamen tussen de bomen achter hem aan; sommigen met wapens, anderen met netten. Hun vuile, beschadigde kleding hoorde niet bij een ordelijk leger.
Godwin draaide het lichaam om en viel aan. De eerste achtervolger vloog met een krijs door de lucht. Met zijn klauwen sprong hij op een tweede en schepte een derde onderuit. Maar de anderen sloten zich om hem heen. Een zwaar net werd over het lichaam geworpen en het wezen werd tegen de grond vastgebonden.
Op dat moment rukte Godwins bewustzijn zich los. Onder het net lag een grote, krachtige panter. Haar vacht was zo donker dat zwart en dieprood in elkaar overliepen, terwijl kleine gloeiende aderen onder haar huid zichtbaar waren. Ze gromde, worstelde en krijste om hulp. Toen keek de panter op. Haar ogen vonden die van Godwin.
Hij schrok bezweet wakker op de vloer van Het Huis met de Blauwe Luiken. Het Ravenkroonse harnas zat nog om zijn lichaam. Maar ergens, ver buiten Ilyrassa, lag het wezen uit zijn terugkerende dromen nu gevangen.
Godwin viel daarna opnieuw in slaap. In De Rozenkoepel werd Sollorva vroeg wakker. Na de zorg en rust van de avond ervoor liep ze terug naar Het Huis met de Blauwe Luiken. Ze bereikte de binnenplaats op het moment dat de anderen begonnen te ontwaken. Met de groep weer bij elkaar begon een nieuwe ochtend.